Gemeenteraden Hilversum, Gooise Meren, Laren akkoord met gezamenlijke aankoop Crailo voor groene woon-werkwijk

De Gooise gemeenten Hilversum, Gooise Meren en Laren hebben van hun gemeenteraden groen licht gekregen voor de aankoop van Crailo van de Provincie Noord-Holland. Alle 3 de gemeenteraden spraken zich maandagavond 18 december 2017 positief uit over de gezamenlijke aankoop en de plannen voor een groene woon- en werkwijk op het gebied.

Die manier van besluitvorming is een unicum in de regio: de 3 gemeenteraden zijn tegelijkertijd akkoord gegaan met de aankoop en de ontwikkeling. Dat biedt de gemeenten de kans om een van de meest milieuvriendelijke wijken van Nederland te ontwikkelen op het voormalig militair oefenterrein Crailo.

De raden stelden maandagavond 18 december 2017 zowel het Ambitiedocument vast waarin de doelen beschreven staan die de gemeenten willen realiseren op Crailo, als de gezamenlijke grondexploitatie van de 3 gemeenten. Bij de ontwikkeling tot duurzame en landschapsvriendelijke wijk gaven de gemeenten eerder aan dat ze hogere ambities nastreven dan de provincie dat in eerdere plannen deed. De gemeenten zullen meer ruimte maken voor huurwoningen voor lagere en middeninkomens en voor groen. Bovendien voorkomt de gezamenlijke aankoop dat verschillende delen van Crailo op uiteenlopende manieren worden ontwikkeld.

De 3 gemeenteraden hebben in goed onderling overleg de verdeelsleutel voor baten en lasten over de 3 gemeenten vastgesteld op 45% voor Hilversum, 45% voor Gooise Meren en 10% voor Laren. Met de aankoop is een bedrag gemoeid van 33,2 miljoen euro.

Hilversum, Gooise Meren en Laren zullen een Gezamenlijke Exploitatie Maatschappij oprichten in de vorm van een besloten vennootschap. Daarin wordt de projectorganisatie ondergebracht voor de ontwikkeling. De gemeenten zullen samen werken aan een stedenbouwkundig masterplan en dit vertalen in een bestemmingsplan. De omwonenden worden betrokken bij het opstellen van deze plannen. In een communicatie- en participatieplan geven de gemeenten aan op welke wijze en op welke momenten de participatie met hen en andere belanghebbenden wordt gevoerd.